Uitgaan & Cultuur

Borne verkoopt en koopt graag vers van het land

Annemarie ten Dam

BORNE - De herfst biedt, behalve vaak veel regen en mooi gekleurde bladeren, ook veel vers eten direct van het land en van de bomen. Soms is de oogst zó overdadig dat langs de weg overal tafeltjes en kraampjes verschijnen met allerlei lekkers. Zo ook in Borne dit jaar.

Aan de Aalderinksweg bijvoorbeeld, op de weg naar Hertme, biedt de 73-jarige Annemarie ten Dam peren, appels en walnoten aan van de bomen op haar erf. “Het waren er zó veel dit jaar. Alle vrienden en kennissen waren al voorzien en mijn kasten staan vol met ingemaakte peren. De kleinkinderen, negen in totaal, helpen altijd met plukken. Eén van hen, Lindsey van 15, bedacht dat we ze aan de weg zouden kunnen verkopen.” Voor het eerst dus dit jaar, en het is nog een succes ook. “Bijna alles wat we over hadden is nu verkocht. Het heeft tot nu toe zo’n veertig euro opgeleverd. Dat gaat naar de kleinkinderen natuurlijk”, zegt ze. Wie de peren, appels en walnoten koopt, weet ze niet, maar ze vermoedt dat haar klanten de wat oudere mensen zijn. “De peren komen van heel oude bomen, misschien wel tussen de tachtig en honderd jaar oud. Stoofperen van een oud ras die nog echt de smaak van vroeger hebben. Ik denk dat de oudere generatie de smaak herkent uit hun jeugd. Bovendien zijn dat de mensen die nog weten hoe ze stoofperen kunnen verwerken in een gerecht en die daar de tijd voor nemen.”

Pompoenen
Iets verderop aan de Wetering, staat een enorme kar vol pompoenen. Sierkalebassen, maar ook de eetbare variant die volgens de verkoper, Christiaan Lenferink steeds populairder wordt. En hij kan het weten, want de kar staat er al tien jaar iedere herfst weer op die plek. Voor de veehouder uit Fleringen is de pompoenenkweek en - verkoop een uit de hand gelopen hobby. “We begonnen ooit met een paar pompoenzaadjes aan de rand van het land, nu telen we inmiddels zo’n 3,5 hectare, dat is vergelijkbaar met een stuk land ter grootte van zes voetbalvelden.”

Borne
De pompoenen verkoopt de familie in Fleringen - ook langs de weg - en in Borne. “We zijn hier ooit terecht gekomen omdat we hier in kennissen hebben die ons deze plek aanboden om een kar neer te zetten.” Een mooie locatie, zo blijkt. Al jaren weten veel Bornenaren de pompoenen te vinden en het worden er steeds meer. “Borne is groter dan Fleringen en dus wordt er meer verkocht”, zegt Lenferink. “En omdat de kar langs een route staat waar veel mensen wandelen en fietsen, zijn er ook mensen die spontaan besluiten om sier- of eetbare pompoenen mee te nemen. Dat merken we doordat er soms een heleboel kopergeld in het kluisje zit; dan weet je dat iemand de portemonnee helemaal op de kop heeft gezet om te kunnen betalen.”

Verkoop
Ook de verkoop van de pompoenen loont. “De kweek is heel intensief omdat je maandenlang moet zorgen dat de kalebassen voldoende ruimte hebben om te groeien. Dat betekent dus heel veel onkruid verwijderen. We krijgen veel hulp van jongens en meisjes uit het dorp, dat is fijn. En: uiteindelijk verdienen we ook nog een beetje aan onze hobby.”